Antonio Vega Macotela / Incendio

06.10.19
—08.12.19

Antonio Vega Macotela / Incendio - Photo: Kristof VranckenAntonio Vega Macotela / Incendio - Photo: Kristof VranckenAntonio Vega Macotela / Incendio - Photo: Kristof VranckenAntonio Vega Macotela / Incendio - Photo: Kristof VranckenAntonio Vega Macotela / Incendio - Photo: Kristof VranckenAntonio Vega Macotela / Incendio - Photo: Kristof VranckenAntonio Vega Macotela / Incendio - Photo: Kristof Vrancken

 

De Q’aquchas Ballade is een langlopend project van Antonio Vega Macotela, dat zich bezighoudt met de geschiedenis van een groep piraat-mijnwerkers, de titulaire Q’aquchas. Ze waren actief in Bolivia, in de 18e eeuw en berucht voor het illegaal exploiteren van de mijnen, terwijl de legitieme mijnwerkers rustten. 's Nachts, in het weekend en op feestdagen, wemelden de tunnels met ‘q’aquchas’ – opmerkelijk is dat het woord zelf een onomatopee is voor het geluid van metaal dat tegen steen slaat.

In zijn project trekt Macotela een parallel tussen de Q’aqucha's en een van de krachtigste, nog steeds actieve hackersgroepen, geleid door Nos del Abismo. In tijden waarin de meest waardevolle grondstof niet langer zilver of kolen maar data is, zijn zij de hedendaagse piraten, de agenten van politieke en sociale ontwrichting. De Q’aquchas Ballade onderzoekt verschillende verhalen over weerstand en strategieën van subversie; of het gaat om zilver of data, beide groepen hebben met succes achterpoortjes gebruikt om de bestaande machtsstructuren te ondermijnen en het systeem te 'hacken'.

 

De tentoonstelling Incendio presenteert een nieuw hoofdstuk van de Ballade, bestaande uit zeven grootschalige wandtapijten, waarvan er twee bij CIAP worden tentoongesteld. De wandtapijten tonen bosbranden; het motief dat kan worden gezien als een hedendaagse interpretatie van de historische landschapsschilderkunst. Zelf opgeleid als schilder, is Macotela zich goed bewust van de politiek van het landschap, gerepresenteerd door de samensmelting van nationalisme en 19e eeuws Duits Romantiek. Het brandende bos markeert de symbolische en tijdige dood van het traditionele landschap en de structuren waar het voor stond. In het huidige landschap heeft de hegemonie van natiestaten plaatsgemaakt voor de wisselwerking tussen bedrijfs- en staatsmachten diens grenzen geen obstakel vormen voor de gegevensstroom. Hoewel de meeste hedendaagse financiële en informatie stromen onzichtbaar blijven, kunnen ze zichtbare effecten hebben op ons landschap (de realisatie van het werk viel samen met de natuurramp in de Amazone). Deze geladen onzichtbaarheid resoneert in de titel van de serie Nobody will believe the fire if its smoke does not send signals, die is ontleend aan het gedicht Incendio – vandaar de titel van de expositie – van Sor Juana Ines de la Cruz, een dichter van de Q'aquchas.

 

De afbeeldingen van de bosbranden werden van internet geplukt en met behulp van Jacquard-weefgetouwen omgezet in textiel. Bij het transformeren van elke pixel in een textiel-eenheid, toont Macotela de affiniteit tussen de constructie van digitale afbeeldingen en wandtapijten. Dit is niet het einde van de parallellen tussen weven en coderen; de historische ontwikkeling van die twee technologieën overlapt elkaar soms, beide gebruikten bijvoorbeeld ponskaarten – stukjes stijf, geperforeerd papier dat vroeger gegevens bevatten.

 

Zo fungeren de wandtapijten van Macotela ook als een bijzondere manier om gegevens op te slaan. De kunstenaar doordrenkte hen met gegevens uit de zogenaamde 'Lagarde-lijst', waarop de namen van tweeduizend Griekse belastingontduikers onrechtmatig werden gepubliceerd. De lijst zelf werd gelekt in 2010, ten tijde van de Griekse crisis, en zorgde voor internationale controverse. De daaropvolgende discussie over de vraag of illegaal verkregen bewijs door autoriteiten kan worden gebruikt, onthulde zelf de onwil van de politicus om de elites te vervolgen. De Lagarde-lijst was een subset van de Falciani-lijst, beschouwd als het grootste lek in de bankgeschiedenis. Macotela is vooral gefascineerd door de figuur van de klokkenluider die verantwoordelijk is voor het lek en zijn moreel dubbelzinnige motieven. De kunstenaar maakte zelf gebruik van de ‘steganografie’ techniek, die vaak gebruikt wordt door hackers en activisten om geheime informatie te verbergen, om gegevens in zijn wandtapijten te coderen.

 

De serie Nobody will believe the fire if its smoke does not send signals werd geproduceerd tijdens de residentie van Antonio Vega Macotela in FLACC werkplaats voor beeldend kunstenaars en wordt gepresenteerd in CIAP als onderdeel van de samenwerking tussen de twee instellingen.

 

Bio:

 

Antonio Vega Macotela (°1980, Mexico) is een multidisciplinaire kunstenaar en was een artist-in-residence in een aantal internationale programma’s, onder andere aan de Rijksakademie Amsterdam; Le Pavillon in Palais de Tokyo, Parijs; en Intermedia Artist in Residence-programma aan de Parsons School of Art, Media and Technology, New York. Zijn werken zijn internationaal tentoongesteld waaronder recentelijk in de tentoonstelling Stories of almost everyone in Hammer Museum in Los Angeles (2018) en tijdens Documenta 14 in Kassel en Athene (2017). Macotela nam deel aan de 13e Biënnale van Istanbul (2013), aan Manifesta 9 (Genk, 2012) en de 29e Biënnale van Sao Paulo (2010). Macotela werd tevens geselecteerd voor de opkomende Biënnale van Sao Paulo.

 

Opening: 05.10.2019 vanaf 17u00

Partners: F
LACC werkplaats voor beeldend kunstenaars, Stadstriënnale Screen-it.

Met de steun van:  Labor Mexico, Vlaamse Overheid, Stad Hasselt en Stad Genk,en de CIAP leden